• Philip Huff Achtergrond en nieuws
  • Boeken van Philip Huff
  • Berichten Twintig voor twaalf
  • Contact Voor pers en privé

8 februari 2010
Door philiphuff

‘Ik’ wil liefde

Het doel van een filosofie is de wereld in woorden verpakken. Woorden, waar je wat mee kunt. Het doel van de kunstfilosofie, zou je dus kunnen zeggen, is kunst in woorden te verpakken. In een perspectief dat het werk analyseert en duidt. Die duiding gebeurt op een bepaalde manier – niet de enige, “juiste”, maar een mogelijke – naar voorkeur van de schrijver.

Een verhandeling over de rol van de auteur, of, beter gezegd: over de drijfredenen van een auteur, en over de intenties van zijn teksten, zou dus onderdeel van de kunstfilosofie kunnen zijn. Een dergelijk artikel zou de lezer handvatten kunnen geven die hij kan grijpen om een auteur en zijn werk op een bepaalde wijze te begrijpen.

George Orwell schreef een verhandeling over schrijven, over de rol van een schrijver en van zijn teksten. Dat artikel is op zijn eigen schrijven te betrekken, maar ook op dat van andere schrijvers. En onlangs schreven A.F.Th. van der Heijden en Connie Palmen een essay in de reeks Over de roman. Exercities in het “begrijpen” van de romankunst in Nederland.

Perspectieven.

Ze kunnen functioneren als slijpstenen voor lezers en auteurs.

‘Los van de verdiensten van de afzonderlijke teksten,’ schreef Marjolein Februari, de eindredacteur, van de reeks, ‘vind ik de gedachte nog het spannendst dat deze twee essays het begin zijn van een reeks van negen of tien: zodat we straks een flinke hoeveelheid poëticale teksten hebben – als basis waaraan iedere schrijver zijn eigen gedachten kan toetsen en slijpen. Dat lijkt me een mooi bezit.’

Zijn er ook andere auteurs – uit andere kunstdisciplines – die een dergelijke onderneming aangaan? In de taal van hun eigen discipline?

Zijn er schilders die een schilderij hebben gemaakt over “het” schilderij? Of de schilder? En schilderen? Die proberen te duiden wat zij doen?

Of zijn die er niet?

Is een zelfportret van Rembrandt te zien als een verkenning van zichzelf, van zijn werk en wereldbeeld, van zijn toets – zijn wereldbeeld in een penseelaanzet? En zijn de kleuren die hij gebruikt voor de binnenkant van zijn ogen of de doek om zijn hoofd niet een uitleg van wie de schilder volgens zichzelf is? Van wie wij zijn?

Philip. Liefje. Fijne blogs.

Maar ‘ik’ is automatisch ‘wij’ als je een blog schrijft.

Als je dat goed doet dan gaat het nooit over jezelf.

En zangers, zijn die er? Nederlandse rock ‘n’ rollers? Die in een lied proberen te achterhalen waarom zij doen wat ze doen?

‘Da’s al tien jaar, dat ‘k in het vak zit,’ zingt Raymond van het Groenewoud in het begin van ‘Je veux de l’amour’.

‘k Heb gezongen in Aalst, Peutie, Zwevezele en Genoelselderen.

‘k Heb zalen doen vollopen, ‘k heb zalen doen leeglopen.

‘k Heb succes gekend, ‘k heb ellende gekend.

‘k Heb toejuichingen gehad, bloemekes, verzoeknummers:

AC/DC, Cherie, Een bakske vol stro.

Ik weet niet waarom, ik weet niet hoe ’t komt,

Maar artiesten hebben meestal maar één verzoeknummer:

Je veux de l’amour, je veux de l’amour.

Waar ik ga, waar ik sta,

Voor ik sterf, voor ik verga,

Je veux de l’amour.

‘Je veux de l’amour’ van Raymond van het Groenewoud is een lied van zelfverkenning. Een verkenning van het zijn van een auteur, van een zanger, van ‘iemand die werkt op het sentiment.’

Wie luistert naar ‘Je veux de l’amour’ luistert naar een lied en leert tegelijkertijd te luisteren naar het waarom van de zanger van het lied.

De zanger zingt, om dezelfde reden dat hij babbelt met het meisje ‘dat er tof uit ziet’, daarom slooft hij zich voor haar uit – ‘compliment’ – en daarom maakt hij grappen. Daarom luistert hij naar haar grappen.

Maar ik wil geen grap meneer, ik wil geen grap.

Je veux de l’amour!

Ik wil geen geld terug van de telefoniste.

Ik wil dat ze van me houdt, pour toujours.

In pixels zijn Van het Groenewouds woorden mooi, maar ze zijn nog zoveel mooier als je ze hoort. Als je voelt hoe Van het Groenewoud het woord ‘amour’ aan het einde van het refrein zingt. Hoe zijn stem aan het einde omhoog gaat, over de rand stijgt, en wegsterft.

Dan begrijp je meteen wat Van het Groenewoud met zijn werk wil.

Ook als je geen Frans spreekt.

Inderdaad: liefde.

Aanstaande zondag wordt Raymond van het Groenewoud zestig. Dat wordt gevierd op de Belgische Radio 1, met twee uur radio (van 11.00 tot 13.00). Er verschijnt ook een nieuwe verzamelaar van zijn werk, Omdat ik van je hou, samengesteld en ingeleid door Vic van de Reijt.

Geen reacties

Geplaatst onder Geen categorie

Er zijn nog geen reacties

Je kunt de eerste zijn.

Laat een reactie achter

Je moet ingelogd zijn om te reageren.

    • Blog
    • Twitter
    • Facebook
     

    Jong, jongere, ...

    Geen categorie

     

    Dead Man Walkin...

    Boeken

     

    De Volkskrant: ...

    Geen categorie

  • Categories

    • Boeken
    • DWDD
    • Geen categorie
    • New Yorker
    • P&W
    • Stemmen
  • Archives

    • 2010
      • januari
      • februari
      • maart

Meld je aan bij RSS